Ontwikkelen

Ontwikkelen

Een bedrijf dat leert van wat er in het werk gebeurt

Geen dag verloopt precies zoals bedacht. Een afspraak blijkt in de praktijk anders uit te pakken. Een klant vraagt iets onverwachts. De samenwerking schuurt. Iemand ontdekt een slimmere manier van werken.

Juist daar zit informatie.

Niet alleen over wat er op dat moment anders kan, maar ook over wat het bedrijf kan leren.

Ontwikkelen betekent voor ons niet dat mensen steeds iets nieuws aangeleerd krijgen. Het betekent dat een bedrijf steeds beter wordt in zien wat er in het werk gebeurt en daar iets mee doen.

Het werk staat centraal

Ontwikkelen begint in de praktijk

Veel ontwikkeling wordt buiten het dagelijkse werk georganiseerd. Een training. Een programma. Een heidag. Een nieuw initiatief.

Dat kan waardevol zijn. Maar de belangrijkste bron voor ontwikkeling is er iedere dag al: het werk zelf.

  • Waar iets goed gaat en waar het schuurt.
  • Waar afspraken helpen en waar ze tekortschieten.
  • Waar mensen ruimte pakken en waar ze vastlopen.
  • Waar een kleine verandering een groot verschil kan maken.

Wij halen ontwikkeling daarom niet weg uit het werk. We brengen het juist dichterbij.

Het werk geeft voortdurend iets terug. De kunst is om het ook te zien.
Signaleren

Zien wat het werk teruggeeft

Als ontwikkeling begint in het werk, begint ze ook met aandacht voor wat het werk teruggeeft. Wat valt op? Waar schuurt het? Wat werkt verrassend goed? En wat begrijpen we nog niet helemaal?

Een signaal hoeft nog geen oplossing te bevatten.

Een signaal kan wijzen op frictie, een mogelijkheid of iets dat beter kan. Maar het kan ook beginnen als een vermoeden, een onverwacht succes, een patroon dat nog niet te verklaren is of een vraag die blijft hangen.

Een signaal kan beginnen met

“Mij valt iets op.”

“Ik weet nog niet precies wat dit betekent.”

“Hier lijkt iets te gebeuren.”

“Volgens mij zit hier een mogelijkheid.”

“Kunnen we hier eens samen naar kijken?”

Signalen helpen een bedrijf zien waar aandacht, onderzoek of actie nodig kan zijn. Ook als nog niet meteen duidelijk is wat een signaal precies betekent.
Werkplaatsen

Samen onderzoeken wat er in het werk gebeurt

Werkplaatsen zijn momenten waarop mensen met enige afstand naar hun eigen praktijk kijken. Niet naar een bedachte casus, maar naar situaties en signalen die ze zelf tegenkomen.

Wat gebeurde er?
Wat viel je op?
Waar liep ik tegenaan?
Wat maakte dat lastig?
Wat werkte juist wel?
Wat begrijpen we nog niet?
Wat kunnen we de volgende keer anders doen?
Wat vraagt misschien nog alleen aandacht?

Soms blijkt een afspraak niet duidelijk. Soms botsen verschillende belangen. Soms zit een bestaande werkwijze in de weg. En soms blijkt vooral ons eigen gedrag bepalend.

Door echte situaties samen te onderzoeken, ontstaat inzicht in wat er nodig is om de bedoeling beter waar te maken.

De praktijk wordt zo niet alleen de plek waar het werk gebeurt, maar ook de plek waar het bedrijf leert.

Een Werkplaats helpt om signalen samen te onderzoeken en te bepalen wat ze vragen: verder kijken, iets uitproberen, een besluit nemen of soms nog even niets veranderen.
Microgedrag

Grote ontwikkeling kan beginnen met iets kleins

Soms vraagt een signaal eerst om verder kijken, luisteren of onderzoeken. Als er iets te proberen valt, helpt het om die stap klein en concreet te maken.

Inzicht alleen verandert weinig.

Een belangrijke manier om ontwikkeling naar het dagelijkse werk te brengen, is klein en concreet gedrag. We noemen dat microgedrag.

Een vraag stellen voordat je een conclusie trekt. De ander rechtstreeks opzoeken. Even afstand nemen en naar de situatie kijken. Eerst benoemen wat je waarneemt.

Klein genoeg om morgen te proberen.

Door ermee te experimenteren ontstaat nieuwe ervaring. Mensen merken wat werkt, waar het lastig wordt en wat nog anders kan.

Zo wordt ontwikkelen geen voornemen, maar iets wat in het dagelijkse handelen plaatsvindt.

Blijven ontwikkelen

Van losse interventie naar organisatievaardigheid

Werk verandert voortdurend. Klanten veranderen. Omstandigheden veranderen. Mensen veranderen. En wat gisteren goed werkte, hoeft morgen niet meer voldoende te zijn.

Daarom is ontwikkelen voor ons uiteindelijk meer dan een Werkplaats of een nieuw microgedrag.

Organisatievaardigheid is het vermogen om signalen uit het werk op te merken en te delen, samen te onderzoeken wat ze betekenen en vragen, te handelen waar dat nodig is en daarvan te leren.

Signalen zien en delen

Opmerken en bespreekbaar maken wat het werk teruggeeft: frictie, afwijkingen, kansen, patronen en mogelijkheden. Ook als de betekenis nog niet meteen duidelijk is.

Signalen een vervolg geven

Voorkomen dat signalen verdwijnen. Samen bepalen wat een passend vervolg is: onderzoeken, iets proberen, een besluit nemen, terugkoppelen of bewust nog even niets veranderen.

Niet wachten tot iemand een veranderprogramma bedenkt. Maar in het dagelijkse werk herkennen waar frictie ontstaat én waar mogelijkheden liggen.

  • Een signaal opmerken en delen.
  • Samen onderzoeken wat er gebeurt.
  • Ruimte maken voor wat nodig blijkt.
  • Iets proberen wanneer dat passend is.
  • Ervaren wat het effect is en opnieuw kijken.

Hoe beter een bedrijf daarin wordt, hoe minder ontwikkeling afhankelijk is van losse interventies van buitenaf. Ontwikkelen wordt onderdeel van hoe het bedrijf werkt.

Doorgaande beweging

Zien. Ruimte maken.
Doen. Leren.

Ontwikkeling heeft voor ons geen eindpunt.

01

Zien

02

Ruimte maken

03

Doen

04

Leren

Je ziet wat er gebeurt. Je maakt ruimte om te onderzoeken wat daar speelt. Je probeert iets wanneer dat nodig is. En je leert van wat er vervolgens gebeurt. Vanuit dat leren kijk je opnieuw.
PrincipeNiet veranderen om te veranderen. Ontwikkelen vanuit wat het werk vraagt.
Samen onderzoeken

Wat gebeurt er in jullie werk waar je meer van zou kunnen leren?

Laten we samen onderzoeken waar frictie én mogelijkheden zichtbaar worden, welke signalen aandacht of actie vragen en hoe je die kunt gebruiken om verder te ontwikkelen.